Wethouder over voortslepende handhavingkwestie: 'We hadden iets toegezegd wat we niet hadden vergund'

dinsdag 07 maart 2017 Leestijd: 5 min.

Teun van de Keuken met wethouder Theo Janssen van de gemeente Lingewaard /

Anne de Blok

Verslaggever

anne.deblok@kro-ncrv.nl

dinsdag 07 maart 2017 Leestijd: 5 min.

Het zal je maar overkomen. Je krijgt een nieuwe buurman dat een bedrijf start dat volgens de vergunningen niet mag, en treft vervolgens een gemeente die alles in het werk lijkt te stellen om de illegale bedrijfsactiviteiten van je buurman alsnog mogelijk te maken. Het overkwam de familie Hendriks uit Lingewaard. Nu, ruim 20 jaar later, is het conflict nog steeds niet beslecht. We vragen de huidige wethouder, Theo Janssen, om uitleg.

Het zou een simpel verhaal kunnen zijn: buurman vestigt nieuw bedrijf dat in strijd is met het bestemmingsplan, gemeente gaat handhaven en vraagt de buurman om zijn bedrijfsactiviteiten te stoppen. Maar wat volgt is een haast onwaarschijnlijk verhaal. Want hoewel familie Hendriks rechtszaak naar rechtszaak won, de Milieu-inspectie én de Nationale Ombudsman in hun strijd aan hun zijde trof, bleef hun gemeente jarenlang de vonnissen naast zich neerleggen in de ijdele hoop het bedrijf alsnog te kunnen legaliseren. ‘Ze willen ons gewoon kapot hebben,’ vertelde Willy Hendriks ons een aantal weken terug toen we bij haar op bezoek gingen voor ons dossier 'Lokaal Bestuur'.

En dat de familie Hendriks niet aan deze indruk kan ontsnappen, is goed te begrijpen als je je bedenkt dat na 23 jaar nog steeds geen einde is gekomen aan het conflict. Theo Janssen is inmiddels de vijfde wethouder die deze zaak in zijn portefeuille aantreft en legt uit: ‘Wat u hier ziet is het resultaat van de mogelijkheden die burgers hebben om hun recht te halen en daar vervolgens ook gebruik van maken. En dat is allemaal begonnen met een valste start onder verantwoordelijkheid van het college van B&W uit 1998.’

lees ook: Advocaat gedupeerde burgers: 'Gelijk hebben is iets anders dan gelijk krijgen' vrijdag 03 maart

Een valse start?

Een korte terugblik. Het zijn de jaren '80 als de familie Hendriks een huis koopt in Lingewaard. Naast hen woont de ondernemer Vincent Milder die aan hen kenbaar maakt een detailhandel in de verkoop van tuinartikelen te willen beginnen. Geen probleem zou je zeggen; het bestemmingsplan laat dat immers toe. Totdat Milder het terrein gaat afgraven en het er steeds meer begint te lijken op een grondverzetbedrijf. Geen violen en hyacinten sieren vanaf dat moment de voorgevel, maar grote bulten zand, grind en straatstenen domineren het uitzicht.

Omdat het exploiteren van een grondverzetbedrijf in strijd is met het dan geldende bestemmingsplan, vraagt de familie Hendriks de gemeente in 1998 om in te grijpen. Maar die weigert. De familie gaat daarom in beroep tegen het besluit van de gemeente om niet te handhaven en wordt in het gelijk gesteld door de rechtbank. Het bedrijf van Milder is inderdaad in strijd met het geldende bestemmingsplan en de rechtbank draagt de gemeente daarom op binnen 2 maanden een nieuw besluit te nemen. Maar in plaats van te handhaven, kondigde het toenmalige college aan dat er een nieuw bestemmingsplan in procedure zou worden gebracht om het bedrijf alsnog te legaliseren. Tot verbazing van familie Hendriks.

Maar in plaats van te handhaven, kondigde het toenmalige college aan dat er een nieuw bestemmingsplan in procedure zou worden gebracht.

Waarom koos de gemeente ervoor om een nieuw bestemmingsplan in procedure te brengen in plaats van te gaan handhaven? Als we de huidige wethouder Theo Janssen goed begrijpen lijkt het erop dat het toenmalige college van B&W een morele verplichting voelde naar de heer Milder toe om te zorgen dat hij zijn bedrijf - waar hij inmiddels al duizenden euro’s in had geïnvesteerd – hoe dan ook zou kunnen behouden. De zogenaamde ‘valse start’ waar Janssen al over sprak. Wethouder Janssen: ‘Wat we fout hebben gedaan is dat het toenmalige college destijds aan de heer Milder heeft toegezegd dat hij zijn bedrijf daar zou kunnen vestigen zónder dat ie van ons daarvoor de juiste vergunning had gekregen of het bestemmingsplan was gewijzigd om dat ook daadwerkelijk mogelijk te maken. Toen daar vervolgens over werd geklaagd, had het college natuurlijk een probleem die ze op een of andere manier moesten recht zetten.’

lees ook: Voortslepend burenconflict: ‘De gemeente heeft ons allebei jarenlang aan het lijntje gehouden!’ zondag 05 maart

De familie Hendriks had daar echter geen boodschap aan en stelden wederom beroep in tegen het besluit om weer niet te handhaven. Dit keer bij de Raad van State. En wederom krijgen ze gelijk: het voorontwerp van het nieuwe bestemmingsplan biedt geen basis voor het oordeel dat de bedrijfsactiviteiten van Milder gelegaliseerd kunnen worden, aldus de hoogste rechter. Einde oefening dus voor Milder. Althans, dat zou je denken. De gemeente besluit echter wéér een nieuw traject in te zetten om het bedrijf alsnog te legaliseren. Dit keer door een vrijstelling op het huidige bestemmingsplan aan te vragen bij de provincie. We vragen het de wethouder:

Gaat dat niet wat ver? Wethouder Janssen: ‘Milder had een verzoek ingediend om te kijken of het planologisch toch mogelijk zou zijn om zijn bedrijf daar te laat zitten door een vrijstelling op het huidige bestemmingsplan aan te vragen bij de provincie. Toen heeft het toenmalige college gezegd: dat willen we wel eens onderzoeken. Daarvoor hebben zij vervolgens 2 externe bureaus ingehuurd en die hebben geconcludeerd dat dat planologisch mogelijk zou zijn. En toen heeft het college gezegd: dat gaan we dan aan de provincie voorleggen.’

Kunt u zich voorstellen dat het vanuit de familie Hendriks lijkt alsof de gemeente hierin partij kiest gezien zijn door alle rechters in het verleden in het gelijk werden gesteld? Wethouder Janssen: ‘Ja, dat is een uitleg die gegeven wordt door sommige partijen.’

Maar kunt u zich dat voorstellen? Wethouder Janssen: ‘Nogmaals, wat wij hebben gedaan is medewerking verlenen aan het verzoek van de heer Milder om te onderzoeken of het planologisch mogelijk was om zijn bedrijf daar alsnog behouden door middel van een vrijstelling. Dat besluit mogen wij nemen. Dat dat haaks staat op datgene wat de familie Hendriks wil, dat is een gegeven. Maar dat is nu eenmaal zo.’

Maar óók de provincie wil geen medewerking verlenen aan het verzoek van de gemeente om een vrijstelling te creëren op het bestemmingsplan. Als het college in 2006 vervolgens ook nog eens besluit om de provincie voor de rechter te dagen tegen dit besluit, wordt voor de familie Hendriks een ding duidelijk: hier kan geen sprake meer zijn van onpartijdigheid. Gelukkig voor de familie gaat de rechter niet mee in het verweer van de gemeente en daarmee was het definitief einde oefening voor Milder. Zijn bedrijfsactiviteiten zouden ook in de toekomst niet meer op dat terrein kunnen worden voortgezet.

Tot het gaatje

Voor de familie Hendriks was het boek daarmee echter nog niet gesloten. Gevoed door een sterk gevoel van onrecht dat hen was aangedaan, besluiten ze de Milieu-inspectie en de Nationale Ombudsman in te schakelen. En het oordeel is vernietigend: ‘In deze kwestie draait alles om het uitblijven van handhavend optreden door het college van Burgemeester en Wethouders van Lingewaard.(…) De gemeente heeft langdurig ten onrechte afgezien van handhaving en de overlast veroorzakende situatie gedoogd,’ aldus het rapport van de Nationale Ombudsman uit 2009.

'De gemeente heeft langdurig ten onrechte afgezien van handhaving en de overlast veroorzakende situatie gedoogd'

Uit het rapport van de Nationale Ombudsman uit 2009

De familie Hendriks lijkt daardoor gebrand om tot het gaatje te gaan en dienen een nieuw verzoek in tot handhaven, omdat de loods die nog steeds op het terrein van Milder staat tevens niet voldoet aan de destijds verstrekte bouwvergunning. En dat is het moment dat Theo Janssen als vijfde wethouder op een rij dit dossier in zijn portefeuille krijgt: ‘Laat ik het zo zeggen: toen dit college aantrad in april 2014 hebben wij direct gekeken hoe we deze zaak alsnog vlot konden trekken in de zin dat we hier zo snel mogelijk een einde aan wilden maken. We hebben daarom gepoogd om de partijen bijeen te krijgen door middel van mediation, maar dat is helaas na 2 jaar onderhandelen geklapt. Daarom zijn wij nu alsnog aan het handhaven op de loods van Milder.’

Dat heeft echter nog niet tot het beoogde resultaat geleid. Na 23 jaar is het conflict namelijk nog steeds niet ten einde. Wethouder Janssen: ‘In Nederland is het namelijk zo geregeld dat als iemand het niet eens is met je besluit dat diegene daartegen in beroep kan gaan, dat weer voor veel vertraging zorgt. Met andere woorden: de last onder dwangsom die we de heer Milder hebben opgelegd ligt nu weer onder de rechter en dus kunnen wij niets anders doen dan de uitspraak afwachten...’

Oproep

Aanstaande zondag in De Monitor: wat als je als burger gelijk hebt, maar het van de gemeente niet krijgt? Om 22:35 uur op NPO2. Heb je een tip voor ons? E-mail dan naar tip insturen.

Lees meer over

Overheid en bureaucratie Lokaal bestuur
Verkenning Research Opnames Uitzending

532 tips

ontvangen

Ervaringsdeskundigen

gezocht

Dit artikel is geschreven door:

Anne de Blok

Deel dit artikel

Meer artikelen in dit onderzoek

Toon meer

Meer weten?

Gemeentes en provincies hebben veel invloed op onze leefomgeving, maar de controle daarop staat onder druk en dat leidt mogelijk tot meer misstanden. Wij willen hier meer over te weten komen.
Alles over dit onderzoek