Werk en inkomen / Tweede kans voor gedetineerden

Waarom zoveel gevangenen opnieuw in de fout gaan: tien oorzaken van recidive

dinsdag 05 februari 2019 Leestijd: 5 min.

Twee jaar na verlaten van de gevangenis is de helft van de (ex)-gedetineerden alweer veroordeeld / ANP / Robin van Lonkhuijsen

Sietze van Loosdregt

Redacteur

dinsdag 05 februari 2019 Leestijd: 5 min.

Bijna de helft van de ex-gedetineerden (47 procent) gaat binnen 2 jaar opnieuw in de fout. Hoe komt dat? En vooral: Is het te voorkomen? Dat onderzoeken we in ons onderzoek Tweede kans voor gedetineerden. Er is nog aardig wat ruimte voor verbetering, zo blijkt als we de tien belangrijkste factoren op een rij zetten. 

1. Gebrek aan nazorg

Eerst en vooral is het natuurlijk de verantwoordelijkheid van de (ex-)gedetineerde zelf om niet opnieuw de verkeerde keuze te maken.Maar onder betere omstandigheden zouden ze wellicht verstandiger keuzes maken. Daarom wordt er al tijdens detentie gestart met nazorg van gedetineerden. Daarbij wordt vooral ingezet op het voldoen aan de zogenoemde basisvoorwaarden: identiteitsbewijs, werk en inkomen, huisvesting, schulden en zorg. Maar, die nazorg bereikt lang niet alle criminelen. In 2017 concludeerde de Raad voor de Strafrechttoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) dat minder dan de helft van de gedetineerden deze nazorg ook daadwerkelijk krijgt. Vooral kortgestraften zouden nazorg ontberen omdat de tijd te kort is om hen goed te begeleiden. 'Terwijl,' zo benadrukt de RSJ, ‘de kans op recidive (is) bij deze groep zeker niet kleiner.’

Ruud Boelens, voorzitter van de adviescommissie van de RSJ, die het advies opstelde: ‘Juist mensen die kort zitten, daar is vaak sprake van multiproblematiek. Ze kunnen geen boetes betalen, zijn niet in staat hun leven op te pakken, ze hebben vaker een lichte verstandelijke beperking, verslaving, etcetera. Die groep komt regelmatig terug, tot soms wel vijf keer per jaar.’

2. Identiteitskaart

De eerste basisvoorwaarde is de identiteitskaart. Uit onderzoek van het WODC (het wetenschappelijk orgaan van het ministerie van Justitie en Veiligheid) blijkt dat bij binnenkomst in de gevangenis 15 procent van de gedetineerden geen id-bewijs heeft. Nu vormt ‘het niet bezitten van een identiteitsbewijs op zichzelf geen aanleiding voor crimineel gedrag,’ maar, zo benadrukt het WODC, ‘het ontbreken van een geldig identiteitsbewijs (kan) wel het vinden van een baan of huisvesting of de toegang tot hulpverlening bemoeilijken, en dat kan weer invloed hebben op recidive.’

De Dienst Justitiële Instellingen stelt iedere gedetineerde te screenen op aan- of afwezigheid van een geldig identiteitsbewijs, waarna de zogenoemde casemanager actie moet ondernemen wanneer er geen geldig id-bewijs aanwezig is. Dat lijkt weinig succes te hebben. Aan het einde van de gevangenisstraf heeft een even groot deel geen id-bewijs: 15 procent.

3. Werk en opleiding

Niets lijkt ex-gedetineerden beter te weerhouden opnieuw in de fout te gaan dan een baan of opleiding, we schreven er eerder over. Van de gedetineerden die voor detentie al geen baan of opleiding hadden, gaat binnen een jaar 40 procent opnieuw in de fout. Bij de groep die dit wel had ligt dat percentage een stuk lager: 24 procent. Helaas heeft slechts een klein deel van de gedetineerden een baan of volgt een opleiding voor aanvang van hun straf: één op de vijf. En dat terwijl bijna de helft (46 procent) op dat moment een uitkering geniet.

lees ook: Gevangenisstraf vergroot vaak kans op recidive vrijdag 01 februari

Het loont dus de moeite om mensen tijdens hun straf naar werk of opleiding te begeleiden. Het bespaart uitkeringen, maar het verlaagt ook de kans op recidive aanzienlijk. Toch blijkt dat nog geen 3 procent van de gevangenen die met een uitkering de gevangenis ingaat, tijdens detentie naar werk of opleiding is geleid. Daartegenover staat dat meer dan een derde van de ex-gedetineerden die voor hun straf nog een baan had of opleiding volgde, deze na detentie kwijt was. Zo bezien lijkt detentie de kans op recidive eerder te vergroten dan verkleinen.

4. Woning

Bij binnenkomst in de gevangenis heeft 13 procent geen woning. Deze groep heeft een grotere kans om opnieuw in de fout te gaan volgens het WODC: 50 procent wordt opnieuw veroordeeld binnen een jaar. Ter vergelijking: van de gedetineerden die wél een woning hadden voor detentie ging slechts 35 procent binnen een jaar opnieuw in de fout. Onduidelijk is hoeveel gedetineerden tijdens of direct na detentie woonruimte vinden, zodat ook moeilijk te zeggen is of hier ruimte is voor verbetering.

5. Schulden

Een aanzienlijk deel van de gedetineerden gaat met schulden de gevangenis in: zo’n 78 procent volgens het WODC. Of schulden de kans op recidive ook echt verhogen is nog weinig onderzocht stelt het WODC, ‘maar er lijkt wel een sterk verband te zijn tussen het hebben van schulden en criminaliteit.’

6. Verklaring Omtrent het Gedrag

Zelfs al is aan de basisvoorwaarden voldaan, dan nog vinden ex-gedetineerden tal van obstakels op hun weg. Een belangrijke is de Verklaring Omtrent het Gedrag. Personen met een recent justitieel verleden kunnen zonder zo’n VOG tijdelijk van de uitoefening van een beroep worden uitgesloten. Eerder spraken we daarover met docent criminologie Elina van ’t Zand-Kurtovic, die onderzoek deed naar de VOG. Volgens haar schiet de VOG zijn doel soms voorbij: ‘Het niet krijgen van een VOG demotiveert enorm. Het is frustrerend dat je niet het werk kunt doen dat je wilt. Het wordt ervaren als een dubbele straf. Sommige ex-gedetineerden durven niet eens meer te solliciteren. Ze schamen zich.’

Sinds 2004 heeft de VOG een enorme vlucht genomen. Vanaf dat jaar kan iedere werkgever, maar ook stage-aanbieder, vrijwilligersorganisatie, sportclub of opleiding om de verklaring vragen. Werden er in 2004 nog maar 136.000 VOG’s afgegeven, in de eerste drie kwartalen van 2018 telde screeningsdienst Justis er al ruim 930.000. 

lees ook: ‘Niet krijgen Verklaring omtrent het Gedrag demotiveert ex-gedetineerde’ dinsdag 15 januari

7. Verzekering

Ook verzekeraars kunnen de re-integrerende gedetineerde in de weg zitten, zo schreven we eerder. Ex-gedetineerde Tom kreeg geen autoverzekering. Hij werd veroordeeld voor oplichting en deelname aan een criminele organisatie. Tom: ‘Mijn misdrijf heeft niets met autorijden te maken. Toch zeggen de verzekeringsmaatschappijen dat ik tot de risicogroep behoor. Hoezo?’

Het is onduidelijk hoe vaak dit voorkomt, maar volgens SP-Tweede Kamerlid Michiel van Nispen worden ex-gedetineerden bijna standaard geweigerd.‘Ik heb signalen ontvangen dat ex-gedetineerden nog steeds stelselmatig geweigerd worden. De minister moet hier werk van maken.’ Van Nispen wil daarom dat het burgerlijk wetboek wordt aangepast. ‘Zodat een delict alleen gemeld hoeft te worden als dat daadwerkelijk iets te maken heeft met de verzekering die wordt aangevraagd.’

lees ook: Ex-gedetineerde: ‘Dat ik uitgesloten word voor een autoverzekering is te zot voor woorden’ dinsdag 29 januari

8. Moeilijke groep

De gemiddelde bajesklant is natuurlijk niet te vergelijken met de gemiddelde Nederlander, benadrukt Ruud Boelens van de RSJ. ‘Veel mensen hebben weinig werkervaring. Er zitten er veel tussen die een vergelijkbare achtergrond qua werkervaring en werkmogelijkheden hebben als mensen in de sociale werkvoorziening. Het is een groep die zich buitengewoon moeilijk handhaaft, die zich – los van het gedetineerd zijn – slecht redt. Het kost dus veel moeite om ze überhaupt in een soort arbeidsritme te krijgen. Ze houden het relatief slecht vol, en werkgevers zijn terughoudend ze aan te nemen.’ 

9. Beroepscriminelen

Voor een deel van de gedetineerden heeft nazorg weinig zin, zo schreef de RSJ in 2017: ‘Er zijn (ex-)gedetineerden die in het geheel geen belangstelling hebben voor ondersteuning bij het in orde brengen van de basisvoorwaarden. Een deel van die groep betreft (ex-)gedetineerden die kiezen voor een ‘crimineel bestaan’. Voor hen is ondersteuning bij het regelen van huisvesting, uitkering of één van de andere basisvoorwaarden waarschijnlijk helemaal niet op zijn plaats.’

Bij deze groep zou, volgens de RSJ, het vergroten van de pakkans kunnen helpen, en meer inzet op het ontnemen van de criminele buit.

10. Verstandelijke beperking

Het aantal gedetineerden met een lichte verstandelijke beperking is relatief hoog. Zo’n 40 procent, schatten deskundigen. Vorig jaar liet de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland uitrekenen wat nazorg voor deze groep gedetineerden oplevert. Volgens de onderzoekers levert iedere euro die geïnvesteerd wordt in de nazorg van deze groep 3,20 euro op aan bespaarde maatschappelijke kosten, bijvoorbeeld doordat mensen minder vaak opnieuw in de fout gaan, gaan werken in plaats van een uitkering te genieten, minder zorg nodig hebben, etcetera. Of een dergelijke kostenbesparing ook bij andere gedetineerden gerealiseerd kan worden is onduidelijk. Het WODC liet dit eerder doorrekenen, maar die opdracht bleek te ingewikkeld voor de onderzoekers, onder meer wegens gebrek aan een controlegroep die juist níet geholpen wordt bij hun re-integratie. Doet die eerste groep het dan beter dan de andere? 

lees ook: Verstandelijk beperkt en achter de tralies donderdag 21 februari

Ruud Boelens: ‘Er is in Nederland maar ook elders nauwelijks goed onderzoek naar het precieze effect van re-integratieactiviteiten. Je kunt immers geen experiment houden met gedetineerden die wel en die geen ondersteuning krijgen bij hun re-integratie. Maar zowel wetenschappers als professionals zijn het er over eens dat op de persoon toegesneden ondersteuning meerwaarde heeft. Het gaat daarbij overigens niet alleen om ondersteuning bij de basisvoorwaarden, maar vaak ook om ondersteuning bij gedragsverandering’.

Nieuwsbrief

Wil je op de hoogte blijven van dit onderzoek? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief, dan sturen we je eens in de twee weken een overzicht van onze laatste artikelen.

Verkenning Research Opnames Uitzending

Tweede kans voor gedetineerden

Opnames

Deel jouw ervaring 19 andere artikelen in onderzoek
Uitzending is geweest op zondag 10 maart 22:40u, NPO2

56 tips

ontvangen

Dit artikel is geschreven door:

Sietze van Loosdregt Redacteur

Sietze van Loosdregt komt van het platteland. En dat zie je terug zijn werk. Zo maakte hij voor De Monitor uitzendingen over megastallen, de Q-koorts en windmolens. Maar ook over sociaal maatschappelijke thema’s als het onderwijs en de sociale dienst. Hij begon zijn werk in Hilversum bij het actualiteitenprogramma Netwerk, en werkte daarna onder meer voor de discussieprogramma’s Rondom 10 en Debat op 2.

Lees verder
@sietze_1

Deel dit artikel

Meer artikelen in dit onderzoek

Toon meer

Meer weten?

Ieder jaar worden er in Nederland zo'n 35.000 gedetineerden vrijgelaten. Eenmaal buiten de poort is het vaak lastig om aan een baan of een woning te komen. Het risico op recidive wordt hierdoor ver...
Alles over dit onderzoek