Volgens staatssecretaris Dekker treft bezuiniging peuterles achterstandsleerling juist niet

dinsdag 12 april 2016 Leestijd: 3 min.

onderwijs_10 /

Sietze van Loosdregt

Samensteller

sietze.vanloosdregt@kro-ncrv.nl

dinsdag 12 april 2016 Leestijd: 3 min.

In ons dossier Onderwijs vragen we ons af of het zin heeft om les te geven aan peuters met een taalachterstand, de zogenoemde voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Er is veel kritiek op dit VVE-beleid, omdat niet bewezen is dat het beleid werkt en er sinds de invoering in 2000 al 5 miljard in is geïnvesteerd. Gisteren meldden diverse media dat staatssecretaris Sander Dekker van Onderwijs de komende jaren meer dan 100 miljoen wil bezuinigen op het budget voor achterstandsleerlingen, waar ook de peuterlessen volgens de VVE-methode van worden betaald. Waarom doet hij dat? Is hij ook gaan twijfelen aan het effect van zijn VVE-beleid? We zoeken het uit.

Het antwoord van de woordvoerder van de staatssecretaris is helder. ‘Nee, de staatssecretaris twijfelt niet aan het effect van zijn beleid. Een kind kan enorm baat hebben bij een voorschool, maar dan moet het wel een goede voorschool zijn, blijkt uit onderzoek.’ Het bedrag per kind met een achterstand gaat zelfs omhoog, zo benadrukt de woordvoerder. Hoe zit dat? Het geld voor het wegwerken van taalachterstanden wordt verdeeld aan de hand van het opleidingsniveau van ouders. Dat opleidingsniveau is de afgelopen jaren omhoog gegaan én het totale aantal kinderen gaat omlaag – er worden simpelweg minder kinderen geboren. Er komen de komende jaren dus steeds minder kinderen met een achterstand dus is daar minder geld voor nodig, zo redeneert de staatssecretaris. Ondanks de bezuiniging zal er dus meer geld beschikbaar zijn per achterstandsleerling.

De plannen van Dekker worden donderdag in de Tweede Kamer behandeld. De grote steden hebben al van zich laten horen. Ze stuurden een brandbrief aan de staatssecretaris om de bezuinigingen van tafel te krijgen.

Waarom zijn de grote steden dan zo boos?

De grote steden zullen in de plannen van de staatssecretaris op 3 fronten in moeten leveren. Ten eerste zullen alle Nederlandse gemeenten de komende jaren minder geld voor hun achterstandsbeleid krijgen. Ten tweede zullen ook de scholen fors in moeten leveren op hún budget om achterstanden weg te werken. Maar daarnaast speelt in de grote steden nog een andere factor. Zij ontvangen al jaren relatief veel geld per kind met een achterstand.

De woordvoerder van de staatssecretaris geeft een voorbeeld: ‘De gemeente Leiden krijgt voor een achterstandsleerling 8602 euro per jaar, terwijl het kleinere Katwijk maar 3945 euro ontvangt.’ Sander Dekker wil dat bedrag eerlijker verdelen over alle gemeenten. Hij wil dat voor iedere achterstandsleerling in het land hetzelfde bedrag besteed wordt. Begrijpelijk dus dat de grote gemeenten niet blij zijn met de plannen van de staatssecretaris: zij gaan er naar verhouding het hardst op achteruit.

Bovendien hebben de grote steden kritiek op de manier waarop Den Haag bepaalt voor welk kind ze extra geld krijgen voor ondersteuning. Dat wordt nu enkel bepaald op basis van het opleidingsniveau van de ouders. In hun brief schrijven de grote gemeenten: ‘Achterstand wordt door meer factoren bepaald, zoals bijvoorbeeld inkomen van ouders, etniciteit, de wijk waar een kind opgroeit, thuistaal en zorgproblematiek.’ Ze wijzen bijvoorbeeld op kinderen van hoogopgeleide vluchtelingen en migranten. Daarvoor wordt nu geen geld vrijgemaakt terwijl zij thuis soms geen woord Nederlands spreken.

lees ook: Onderwijsdeskundige kritisch op Voor- en Vroegschoolse beleid (VVE) van gemeenten dinsdag 05 april

100 miljoen: waar komt dat vandaan?

Er zijn 2 geldstromen om achterstanden weg te werken. Zowel gemeenten als scholen ontvangen een bedrag voor het aantal kinderen met een achterstand in hun gemeente of school. Die bedragen gaan dus omlaag. Tot 2020 gaat het geld dat gemeenten ontvangen voor hun achterstandsbeleid met 50 miljoen omlaag, van 361 miljoen naar 311 miljoen. Van deze gemeentelijke achterstandsgelden wordt zo’n 70 procent aan voorscholen voor peuters besteed.

Daarnaast ontvangen scholen een bedrag voor het aantal achterstandsleerlingen in de klas. Ook hier krijgen scholen een bedrag per achterstandsleerling, en ook dit bedrag kan de komende jaren met zo’n 50 miljoen omlaag, volgens de staatssecretaris omdat er nu eenmaal minder kinderen worden geboren. Totaal komen we zo op 100 miljoen.

Maar is het nou een bezuiniging of niet?

De staatssecretaris spreekt in Haags jargon over een ‘ramingsbijstelling’, in de ogen van de grote gemeenten is het gewoon een bezuiniging. Zij moeten dan ook een fors bedrag inleveren de komende jaren. Maar de staatssecretaris gelooft dat wanneer de gemeenten het achterstandsgeld alleen aan die kinderen besteden die het echt nodig hebben, ze met minder geld af kunnen. Bekend is dat bijvoorbeeld de gemeente Amsterdam liefst alle kinderen – dus ook die van hoogopgeleide ouders – naar de voor- en vroegschoolse educatie stuurt.

Op 1 punt heeft de lobby van de grote steden al een succesje geboekt, ten koste van de kleinere gemeenten. De herverdeling van de achterstandsgelden is eind vorig jaar al van tafel gegaan.

Voor ons onderzoek naar de VVE-methodes in het dossier Onderwijs gaan we nog langs bij het Nederlands Jeugdinstituut die zorgt draagt voor de erkenning van de methodes. We zijn benieuwd wat die erkenning precies inhoudt. En ook vragen we de Sociaal Economische Raad om een reactie.

Komende zondag in De Monitor: Moeten we al les geven aan onze peuters? Je ziet het om 22:35 uur op NPO2.

Lees meer over

Jeugd en onderwijs Onderwijs
Verkenning Research Opnames Uitzending

Onderwijs

Research

Wij volgen scholen, gemeenten en ouders in hoe zij omgaan met de sluiting van de scholen door het corona-virus.

Deel jouw ervaring 163 andere artikelen in onderzoek
Uitzending is geweest op maandag 01 juni 22:15u, NPO2

2070 tips

ontvangen

54 experts gesproken

Docenten, schoolbestuurders, ambtenaren en ouders van kinderen die tegen problemen oplopen met het thuisonderwijs.

Dit artikel is geschreven door:

Sietze van Loosdregt Samensteller

Sietze van Loosdregt komt van het platteland. En dat zie je terug zijn werk. Zo maakte hij voor De Monitor uitzendingen over megastallen, de Q-koorts en windmolens. Maar ook over sociaal maatschappelijke thema’s als het onderwijs en de sociale dienst. Hij begon zijn werk in Hilversum bij het actualiteitenprogramma Netwerk, en werkte daarna onder meer voor de discussieprogramma’s Rondom 10 en Debat op 2.

Lees verder
@sietze_1

Deel dit artikel

Meer artikelen in dit onderzoek

Toon meer

Meer weten?

Steeds meer kinderen met fysieke- of psychische problemen, zoals autisme en hoogbegaafdheid, krijgen een vrijstelling van de leerplicht. Dat betekent als kinderen niet leerbaar zijn. Maar het schij...
Alles over dit onderzoek