Topbestuurder onderwijs uit ongefundeerde kritiek op Rekenkamer

zondag 01 oktober 2017 Leestijd: 5 min.

Directeur-bestuurder Nicole Teeuwen van Passend Primair Onderwijs Rotterdam heeft stevige kritiek op een onderzoek van de Rekenkamer /

Sietze van Loosdregt

Samensteller

sietze.vanloosdregt@kro-ncrv.nl

zondag 01 oktober 2017 Leestijd: 5 min.

De Rotterdamse schoolbestuurder Nicole Teeuwen trekt een kritisch onderzoek van de Algemene Rekenkamer over passend onderwijs in twijfel. In het kader van ons onderzoek voor ons dossier Onderwijs legden we Teeuwen de conclusies van het rapport voor. Waar is haar kritiek op gebaseerd?

Sinds de invoering van de Wet passend onderwijs in 2014 werken scholen regionaal samen in zogenoemde samenwerkingsverbanden passend onderwijs om de ondersteuning aan leerlingen vorm te geven. Die samenwerkingsverbanden moeten voor leerlingen met bijvoorbeeld leerachterstanden of gedragsproblemen een passende plek vinden, als het even kan op een reguliere school. Wij horen van veel leerkrachten, ouders en schooldirecteuren dat het geld dat bedoeld is voor passend onderwijs niet bij de leerlingen terecht komt.

Voor onze uitzending over passend onderwijs van vanavond willen we daarom graag een interview met Nicole Teeuwen. Zij is de directeur van het samenwerkingsverband PPO Rotterdam en de voorzitter van het landelijk netwerk leidinggevenden samenwerkingsverbanden passend onderwijs, zeg maar de hoogste bestuurder in passend onderwijsland. Zij zou moeten weten of het geld goed besteed wordt.

Jaarlijks gaat het om 2,4 miljard dat aan passend onderwijs wordt besteed, waarvan 2,15 miljard wordt verdeeld over de 152 samenwerkingsverbanden (basis en middelbaar onderwijs). Dat is evenveel geld als er vóór de invoering van de wet werd uitgegeven aan deze ondersteuning. Ondanks dat er dus geen sprake was van een bezuiniging, zijn leerkrachten buitengewoon negatief over passend onderwijs. Zo blijkt uit een onderzoek van De Monitor in samenwerking met DUO Onderwijsonderzoek & Advies, waarin 90 procent van de leerkrachten in het basisonderwijs onvoldoende tijd zegt te hebben om zorgleerlingen goed te ondersteunen. Hoe kan dat?

lees ook: Raadsel waar scholen 2,4 miljard voor passend onderwijs aan besteden zondag 20 augustus Het roept de vraag op of de samenwerkingsverbanden en scholen dat geld wel goed besteden. Dat is precies wat de Algemene Rekenkamer, het orgaan dat de overheidsfinanciën controleert, eerder dit jaar wilde weten. Komt het geld wel bij de leerlingen terecht voor wie het bedoeld is? De conclusie van de Rekenkamer: Het is ‘onduidelijk in hoeverre leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte die ondersteuning ook daadwerkelijk krijgen.’

De Rekenkamer bestudeerde onder andere de jaarverslagen van de samenwerkingsverbanden en schoolbesturen en schrijft daarover op haar site dat hieruit ‘over de besteding weinig informatie (valt) te halen.’ Genoeg reden dus om Teeuwen hierover aan de tand te voelen. Eigenlijk met één vraag: wat gebeurt er met het geld dat voor ondersteuning van leerlingen is bedoeld? Maar antwoord daarop krijgen, was nog niet zo makkelijk.

 

4 september

We bellen Nicole Teeuwen. Ze blijkt stevige kritiek op het rapport van de Rekenkamer te hebben: ‘Wat de Rekenkamer heeft gedaan, die heeft alleen naar de jaarverslagen van scholen gekeken en niet naar die van samenwerkingsverbanden.’

 

12 september

We gaan langs bij de Rekenkamer. Heeft dit gerenommeerde instituut echt zulke verstrekkende conclusies getrokken over de jaarverslagen van samenwerkingsverbanden zonder die jaarverslagen überhaupt in te zien? Natuurlijk niet, stellen de onderzoekers, de jaarverslagen van álle samenwerkingsverbanden zijn meegenomen in het onderzoek.

 

20 september

We bellen Teeuwen nogmaals. Maar ze verwijst naar het eerdere telefoongesprek waarin ze al het een en ander heeft gezegd over het bronnengebruik van de Rekenkamer. We maken een afspraak om de volgende dag een interview op camera op te nemen. Ze wil dan wel graag van tevoren weten waarover het gesprek zal gaan. We schrijven dat we zeker ook een vraag gaan stellen over het Rekenkamerrapport.

We vragen de Rekenkamer om een officiële reactie om het misverstand met Teeuwen uit de wereld te helpen. De Rekenkamer laat weten: ‘We hebben de jaarrekeningen over 2014 en 2015 van alle 152 samenwerkingsverbanden passend onderwijs bekeken. Dat levert allereerst landelijk vergelijkbare gegevens op, waardoor het ministerie en de Tweede Kamer inzicht krijgen in de werking van het beleid. Ten tweede hebben we de cijfers per samenwerkingsverband in een opendatabestand gezet. Hierdoor hebben we in ons onderzoek ook ontwikkelingen op regionaal niveau kunnen duiden.’

 

21 september – Het interview

Onze presentator Teun van de Keuken trapt af met de vraag: ‘Hoe kan het dat niet duidelijk is waar de gelden voor passend onderwijs terecht komen?’ Teeuwen antwoordt: ‘Hoe komt u daarbij?’

Ze houdt vol dat het Rekenkamerrapport onvolledig is. Want: ‘Die heeft een peiling gedaan bij 5 van de 72 samenwerkingsverbanden en die heeft geconstateerd dat de verantwoording niet eenduidig is, in elk geval bij die 5, en niet transparant.’ Had de Rekenkamer volgens haar tijdens het eerste telefoongesprek dus nog geen enkel jaarverslag van een samenwerkingsverband bekeken, inmiddels waren het er 5.

Van de Keuken pakt het verweer van de Rekenkamer erbij: ‘We hebben de jaarrekeningen over 2014 en 2015 van alle 152 samenwerkingsverbanden passend onderwijs bekeken.’

Teeuwen: ‘De samenwerkingsverbanden of de schoolbesturen?’

Van de Keuken: ‘Alle 152 samenwerkingsverbanden zeggen ze hier.’

Teeuwen: ‘Dat lijkt me heel raar. Ja, ze kunnen het best bekeken hebben, maar in samenwerkingsverbanden zit wel degelijk een verantwoording. Alleen niet iedereen doet het op dezelfde manier.’

 

27 september

Een week later stuurt Teeuwen ons nog een mail. Ze schrijft dat ze ‘de conclusies van het rapport (ongeacht het brongebruik) sowieso onderschrijven.’ En ze legt uit hoe ze nou aan die 5 samenwerkingsverbanden kwam: ‘Op pagina 37 (…) staat een case study genoemd van 5 samenwerkingsverbanden PO (primair onderwijs, red.) en 5 samenwerkingsverbanden VO (voortgezet onderwijs, red.) waarin dieper op de verantwoording wordt ingegaan.’

Dat klopt. Op pagina 37 citeert de Rekenkamer een onderzoek van het Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt (KBA) in Nijmegen onder 10 samenwerkingsverbanden in basis en middelbaar onderwijs. Een onderzoek dat dus niet door de Rekenkamer zelf is uitgevoerd en waaraan in het rapport welgeteld 1 alinea wordt besteed.

 

Waarom?

Waarom uit een onderwijsbestuurder zulke ongefundeerde kritiek op een rapport van de Algemene Rekenkamer? Die vraag is nog prangender als je begrijpt dat de Rekenkamer niet zozeer kritisch is op Teeuwen en haar collega’s als wel op het ministerie van Onderwijs. Het is namelijk het ministerie dat de regels opstelt waaraan de jaarverslagen moeten voldoen, in de Regeling Jaarverslaggeving Onderwijs. Daarover schrijft de Rekenkamer: ‘Er staan geen specifieke richtlijnen in voor passend onderwijs.’ Het is dus aan de scholen en samenwerkingsverbanden zelf hoe zij dit verantwoorden.

Bovendien: dat we niet weten hoe het geld precies besteed wordt wil niet zeggen dat het dús verkeerd besteed wordt. We weten het simpelweg niet. Het zou in theorie dus kunnen dat die 2,15 miljard in zijn geheel bij de leerlingen terecht is gekomen waarvoor het bedoeld is.

Teeuwen vertelt nog dat een aantal samenwerkingsverbanden samen met het ministerie van Onderwijs een project zijn gestart om de besteding van het geld beter te verantwoorden. Aanleiding voor dit project was het Rekenkamerrapport.

Toch is Teeuwen er nu al van overtuigd dat het geld goed besteed wordt, ‘omdat ik dagelijks op die scholen kom, en ik kan het zien in mijn eigen administratie.’

Wellicht heeft Teeuwen daarin gelijk. En wellicht is het in haar eigen Rotterdam helemaal goed geregeld. Er zijn voorbeelden in Rotterdam, zoals in de wijk Ommoord, waar zorg en onderwijs samenkomt op school, en waar leerkrachten blij zijn met de manier waarop passend onderwijs nu wordt vormgegeven.

Teeuwen had kunnen vertellen wat er beter moet en hoe dan, zoals in Ommoord. Ze had kunnen vertellen dat er wordt gewerkt aan een betere verantwoording door samenwerkingsverbanden. In plaats daarvan koos ze ervoor in de aanval te gaan. Ongefundeerd. Waarom ze daar voor heeft gekozen, blijft ons een raadsel.

Lees hier het rapport van de Algemene Rekenkamer

Vanavond in de Monitor: Hoe passend is passend onderwijs? 22:35 uur, NPO2

Lees meer over

Jeugd en onderwijs Onderwijs
Verkenning Research Opnames Uitzending

Onderwijs

Research

Wij volgen scholen, gemeenten en ouders in hoe zij omgaan met de sluiting van de scholen door het corona-virus.

Deel jouw ervaring 163 andere artikelen in onderzoek
Uitzending is geweest op maandag 01 juni 22:15u, NPO2

2068 tips

ontvangen

54 experts gesproken

Docenten, schoolbestuurders, ambtenaren en ouders van kinderen die tegen problemen oplopen met het thuisonderwijs.

Dit artikel is geschreven door:

Sietze van Loosdregt Samensteller

Sietze van Loosdregt komt van het platteland. En dat zie je terug zijn werk. Zo maakte hij voor De Monitor uitzendingen over megastallen, de Q-koorts en windmolens. Maar ook over sociaal maatschappelijke thema’s als het onderwijs en de sociale dienst. Hij begon zijn werk in Hilversum bij het actualiteitenprogramma Netwerk, en werkte daarna onder meer voor de discussieprogramma’s Rondom 10 en Debat op 2.

Lees verder
@sietze_1

Deel dit artikel

Meer artikelen in dit onderzoek

Toon meer

Meer weten?

Steeds meer kinderen met fysieke- of psychische problemen, zoals autisme en hoogbegaafdheid, krijgen een vrijstelling van de leerplicht. Dat betekent als kinderen niet leerbaar zijn. Maar het schij...
Alles over dit onderzoek