Natuur en milieu / Geluidsoverlast

Hoe gemeenten omgaan met klachten over bromtonen: ‘Ik slaap er nog geen minuut beter door’

donderdag 10 augustus Leestijd: 4 min.

Het industrieterrein in Terneuzen zou volgens Albert Pijcke wel eens de bron van overlast kunnen zijn. Volgens de omgevingsdienst blijkt dat niet uit metingen in de buurt van het terrein (foto: ANP Ar... /

Niels van Nimwegen

Verslaggever

donderdag 10 augustus Leestijd: 4 min.

Als Albert Pijcke ‘s ochtends wakker wordt, hoort hij een bromtoon. Een laag, mechanisch geluid. Alsof er in de buurt een machine of generator op een laag toerental draait. Gek wordt hij ervan, vooral omdat hij er maar niet achter kan komen waar het geluid dat hem van zijn slaap berooft vandaan komt.

‘Ik slaap al twee jaar maar een paar uur per nacht en ben doodop. Om uit te zoeken waar het vandaan komt heb in nachtenlang rondgefietst, maar verder dan een vermoeden kom ik niet. Om die reden heb ik ook aangeklopt bij de gemeente, want dit gaat zo niet langer.’

lees ook: Vormt hinder door laagfrequent geluid een groeiend milieuprobleem? donderdag 29 juni

Hoe gaan gemeenten om met dit soort klachten? Voor ons dossier Geluidsoverlast verdiepen we ons deze weken in laagfrequent geluid (LFG). Een groeiend milieuprobleem volgens sommigen, maar is dat ook zo? Zeker is dat gemeenten steeds vaker meldingen krijgen over bromtonen, maar die komen niet persé door laagfrequent geluid.

Fantoomgeluid

Frits van den Berg, adviseur en onderzoeker bij de GGD Amsterdam, is gespecialiseerd in LFG-klachten. Vooral als slechts één iemand een brom hoort, is er volgens hem reden om naar andere oorzaken te kijken dan een geluidsbron, eenvoudigweg omdat dat het meest waarschijnlijk is. ‘Zet normaal horende mensen in een geluiddichte, doodstille ruimte en ze horen geluiden die er niet zijn. Vooral lage tonen. Het is een neurologisch verschijnsel dat we ook wel fantoomgeluid noemen. Mensen die angst ontwikkelen voor dat soort geluiden slapen daar bijvoorbeeld slecht van en kunnen daar weer tal van andere klachten door ontwikkelen. Die klachten moet je heel serieus nemen, maar de term laagfrequent geluid is eigenlijk niet van toepassing: er is geen meetbaar geluid. Ga je bij mensen thuis meten dan vind je vaak geen meetwaardes die de klachten kunnen verklaren.’

Energie

Laagfrequent geluid heeft namelijk een specifiek kenmerk. Omdat ons gehoor er slecht op is ingesteld is er veel veel energie nodig om het te horen. Hoe lager het geluid, hoe harder het moet zijn om hoorbaar te zijn. Maar, de grens tussen wat we kunnen horen en als’ luid’ ervaren is ook smaller dan bij andere geluiden. Al bij kleine overschrijdingen van de gehoordrempel kan laagfrequent geluid als hinderlijk worden ervaren.

Op basis van dit principe is ook de Richtlijn Laagfrequent Geluid van de Nederlandse Stichting Geluidhinder (NSG) gebaseerd; het protocol waarop veel gemeenten terugvallen bij het beoordelen van klachten. Hoort meer dan één iemand het geluid? En horen ze hetzelfde geluid? Dan ligt het eerder voor de hand dat het ook meetbaar is. Hoe hoger een toon van lage frequentie boven de gehoordrempel uitkomt, hoe aannemelijker het wordt dat dit geluid ook hinderlijk is, en wordt het zinvol om op zoek te gaan naar de bron.

Curves2.jpg

Tot zover de theorie. Hoe gaat dat in de praktijk? Zoals we eerder beschreven verschillen gemeenten nogal in hun aanpak. Tipgever Els Pluymakers uit Maastricht stuurt ons maar liefst 3 onderzoeken die kort na elkaar zijn gedaan, door zowel gemeente als de provincie. Hoewel ze de enige in haar buurt is die de toon hoort, worden er toch metingen gedaan, waaruit inderdaad een dominante toon naar boven komt. Die komt volgens de ambtenaren van de naburige snelweg, al heeft Pluymakers daar zo haar twijfels bij. ‘Er zijn hier een aantal stroomstoringen geweest, waarbij het geluid wegviel. Mijn vermoeden is dat een energiecentrale of schakelkast toch de oorzaak is, maar onduidelijk is waar die staat. Toch voel me bijzonder serieus genomen. De bromtoon is niet weg, maar ik kan me er beter voor afsluiten nu ik weet dat het in ieder geval niet tussen mijn oren zit.’

‘Zet normaal horende mensen in een geluiddichte, doodstille ruimte en ze horen geluiden die er niet zijn.'

Frits van den Berg, GGD Amsterdam

Lastiger wordt het als de gemeente onderzoek uitbesteedt. In het Zeeuwse IJzendijke bijvoorbeeld, wordt tipgever Albert Pijcke langzaam gek van ‘zijn’ bromtoon. Dat het geluid niet tussen zijn oren zit, blijkt uit metingen door een gespecialiseerd bureau. ‘Voor dat onderzoek heb ik een jaar lang moeten leuren bij de gemeente. Het leek alsof ze zich er geen raad mee wisten. Dat ze me vroegen om eerst naar een KNO-arts te gaan vond ik op zich redelijk. De arts vond alleen niets bijzonders aan mijn gehoor en bovendien was door een bevriende geluidsdeskundige al veel LFG gevonden in mijn woning. Tel daarbij op dat niet alleen ik, maar ook vrienden en één van de ambtenaren zelf de toon konden horen. Toch heeft het toen nog maanden aan slapeloze nachten gekost, voordat de burgemeester beloofde om te gaan meten. Als het nodig was zouden ze daarna nog aanvullend onderzoek doen om de richting te bepalen. Dat laatste is nooit gebeurd, terwijl daar alle reden toe is.’

Pijcke lijkt daar een punt te hebben. Als we kijken naar de rapportage van onderzoeksbureau Peutz zien we dat dat 3 frequenties fors boven de NSG-curve scoren, tot 20 decibel hoger. Volgens de ingenieurs zijn extra metingen nodig om de richting te kunnen bepalen. Vast staat dat het geluid van buiten komt, maar van waar precies weten ze niet. Ondanks dat advies blijft het daarna opnieuw stil. Pas deze juni - bijna 2 jaar na de eerste klacht - laat de regionale milieudienst weten dat het onderzoek stopt. De reden: uit gegevens van een vast meetstation is gebleken dat de bromtoon in ieder geval niet afkomstig is van een industrieterrein dat Pijcke zelf verdenkt. Waar de overlast dan wel vandaan komt, kan alleen door aanvullende metingen worden bepaald, maar die wil de dienst niet laten uitvoeren. Pijcke krijgt te horen dat door het onderzoek bij zijn woning al ‘aan de inspanningsverplichting is voldaan.’

‘Ik ben nog geen stap dichterbij een oplossing, behalve dat ik weet dat het niet tussen mijn oren zit. Maar daar slaap ik nog geen minuut beter door. Laagfrequent geluid is lastig te herleiden, dat begrijp ik, maar er zijn ook hogere tonen gemeten. Komen die van dezelfde bron, dan zou het makkelijker moeten zijn die te vinden. De regionale Ombudsman heeft de gemeente nu tot een gesprek weten over te halen. Ik hoop daar tekst en uitleg te krijgen.’

We hebben voorafgaand aan dit verhaal de omgevingsdienst benaderd. De RUD Zeeland laat weten dat de betrokken medewerkers tot eind augustus op vakantie zijn en daarom nu geen inhoudelijke reactie kunnen geven. We komen hier later op terug. Wil je ons een tip sturen in dit dossier? Mail dan op: demonitor@kro-ncrv.nl

Dit artikel is geschreven door:

Niels van Nimwegen Verslaggever

Niels van Nimwegen is verslaggever bij De Monitor en maakte tot nu toe verhalen over de huursector, uitbuiting van starters op de arbeidsmarkt, de vastgelopen spoedzorg en verschillende afleveringen van het dossier ‘Lokaal Bestuur’. 'Wat ik sterk vind aan de Monitor is dat we thema’s lang volgen en door tips in contact komen met belangrijke sprekers die voor andere journalisten verborgen blijven. Dat levert vaak originele verhalen op, of een invalshoek bij een nieuwsfeit dat door andere programma’s is gemist.' Niels werkte eerder voor Radar en Zembla.

Lees verder
@nvnimwegen

Deel dit artikel

Meer artikelen in dit onderzoek

Meer weten?

Laagfrequent geluid. Het verplaatst zich kilometers ver, dringt door muren en kan mensen wanhopig maken. Volgens tipgevers is het een groeiend milieuprobleem, waar te weinig aandacht voor zou zijn vanuit het Rijk. Maar is dat ook zo? Dat willen we de komende periode onderzoeken.

Alles over dit onderzoek