‘Het systeem is failliet. Gelijk krijgen van je gemeente is onmogelijk’

maandag 03 april 2017 Leestijd: 5 min.

Leon van Opijnen en zijn jurist Helma Krijger bij de raadsvergadering van afgelopen donderdag /

Niels van Nimwegen

Verslaggever

niels.vannimwegen@kro-ncrv.nl

maandag 03 april 2017 Leestijd: 5 min.

Met lichte verwondering slaan de collega’s van de plaatselijke pers ons gade. Waarom zou een cameraploeg uit Hilversum deze doodnormale raadsvergadering willen verslaan? Veel staat er toch niet op de rol – 2 bestemmingsplanwijzigingen en een debatje over hergebruik van leegstaande agrarische gebouwen – bepaald niet het soort besluiten waarvoor de landelijke pers doorgaans naar Maasdriel afreist.

Toch is het een ogenschijnlijk onbelangrijk agendapunt dat ons interesse prikkelt. Een typisch voorbeeld van het soort tips dat ons bereiken in ons dossier Lokaal Bestuur. Daarin kijken we al een tijdje naar de manier waarop gemeenten omgaan met handhavingsverzoeken van burgers. Zo weten we dat achter het agendapuntje ‘Bestemmingsplan Kerkdriel 2015 – reparatie Paterstraat’ een lange juridische geschiedenis schuil gaat.

lees ook: Nationale Ombudsman: Nauwelijks verbetering in handhavingsbeleid van gemeenten vrijdag 31 maart

‘Dames en heren. Eigenlijk wordt hier al 10 jaar om de hete brij heen gedraaid. En die hete brij is dat het hier gewoon gaat om het legaliseren van een illegale activiteit.’ Vanaf het inspreekkatheder zet jurist Helma Krijger de zaak op scherp. Haar cliënt Leon van Opijnen kijkt vanaf de tribune toe.

Het woord over zijn ingewikkelde zaak laat hij liever aan Krijger over. Hij is inmiddels 16 gerechtelijke uitspraken verder, waarvan maar liefst 13 procedures bij de Raad van State. Een lange kluwen aan rechtszaken over het afwijzen van handhavingsverzoeken, onterecht verstrekte milieuvergunningen en gewraakte bestemmingsplannen. Tot 3 maal toe haalden inspanningen van de gemeente Maasdriel om de illegale bedrijfsactiviteiten van zijn buurman alsnog mogelijk te maken de eindstreep niet. De hoop van Van Opijnen is nu gevestigd op de gemeenteraad die vanavond een beslissing neemt over bestemmingsplan nummer 4.

‘Of ik er vertrouwen in heb? Nee, het gaat er waarschijnlijk gewoon komen. Ik heb de hele week gebeld met de partijen en het ziet er naar uit dat een meerderheid toch voor het aannemen van dit bestemmingsplan is. Wat mij betreft is het systeem failliet. Als je ziet hoe vaak we gelijk hebben gekregen en de gemeente vervolgens toch weer gaat proberen te vergunnen wat gewoon niet vergunbaar is.’

Dossier Paterstraat

Wie de reeks aan uitspraken in het dossier ‘Paterstraat’ doorneemt, kan zich daar iets bij voorstellen. De vonnissen gaan terug tot 2002. Van Opijnen heeft enkele jaren daarvoor zijn huidige woning gekocht. Pal daar achter liggen enkele bedrijfspanden, waarop vanaf begin jaren tachtig de bestemming transportbedrijf ligt. Vrachtwagens staan er al een tijdje niet meer, maar dat wil niet zeggen dat het terrein niet gebruikt wordt. De eigenaar heeft er een collectie koetsen en paarden staan.

‘Hobbymatig, dat werd mij door de gemeente verteld,’ aldus Van Opijnen. ‘Er zat nog wel een transportbestemming op het perceel, maar dat zou vanzelf verdwijnen. Dat vond ik belangrijk om te weten, want het terrein heeft namelijk geen eigen inrit, maar wordt ontsloten over mijn erf. Daar hoefde ik me geen zorgen over te maken zei de wethouder destijds. Het was allemaal hobby en ik zou er geen last van hebben.’

Volgens Van Opijnen blijkt in die eerste jaren dat het om iets meer dan een hobby gaat. De inrit loopt pal langs zijn slaapkamer en hij wordt dagelijks gestoord door vrachtverkeer. ‘Het gaat gewoon om commerciële activiteit, de verhuur van koetsen voor feesten en partijen. Zonder dat daar een vergunning voor is en zonder dat het bestemmingsplan dat toelaat.’

Na wat juridisch getouwtrek over het ontbreken van die vergunning stappen Van Opijnen, zijn buurman en de gemeente een mediationtraject in. Tevergeefs. De Koetserij ziet niets in het voorstel om gezamenlijk te betalen voor het verplaatsen van de inrit naar het eigen erf, omdat dan een bedrijfspand moet worden afgebroken. Het bemiddelingstraject strandt, maar de overlast blijft. Van Opijnen ziet geen andere mogelijkheid dan de gemeente te vragen op te treden tegen de illegale bedrijfsactiviteiten.

‘Vanaf dat moment is het eigenlijk totaal ontspoord. De gemeente heeft eigenlijk ieder handhavingsverzoek afgewezen. Dat win je dan vervolgens wel weer bij de rechter, maar dan moet de gemeente een nieuw besluit nemen. In plaats van te handhaven wordt er dan weer een nieuw bestemmingsplan bedacht, waardoor ze mogen afzien van maatregelen. Je moet dan bij de Raad van State het bestemmingsplan aanvechten voordat je daar weer tegen in beroep kunt.’

Rekenkamer

Dat is opmerkelijk, want juist het thema handhaven staat eerder op de lokale politieke agenda. De rekenkamer in Maasdriel bracht namelijk in 2010 al een kritisch rapport uit over het handhavingsbeleid van de gemeente. Naast de vaststelling dat de gemiddelde Maasdrielse inwoner ‘niet echt gek is op regels’, constateert de rekenkamer dat ze daarbij worden geholpen door een lankmoedig gemeentebestuur.

Volgens de rekenkamer rijst uit veel dossiers het beeld op van ‘afpellen’. Waar aanvankelijk stevig wordt ingezet met een aantal forse handhavingsmaatregelen, verdwijnen die maatregelen door zaken als ‘hernieuwde vergunningaanvragen, minimale aanpassingen, procedurele handelingen en soms rechtszaken één voor één van tafel. Uiteindelijk delft de gemeente het onderspit en blijft de (door de gemeente aanvankelijk ongewenst geachte) feitelijke situatie tenminste deels bestaan.’

Volgens de Rekenkamercommissie is in het verleden al snel het pad van legalisatie en gedogen gekozen. Hoewel de rekenkamer onderkent dat een gemeente de mogelijkheid van legalisatie altijd moet onderzoeken, betekent dat niet dat alles ook automatisch moet worden gelegaliseerd. ‘Dat is funest voor het gezag van de gemeente.’

‘Hobbymatig'

De vaststelling van de rekenkamer lijkt sterk op hetgeen Van Opijnen meemaakt. De gemeente schrijft zijn buurman wel aan over de illegale situatie, maar gaat daarnaast het pad op van legalisatie via een wijziging van het bestemmingsplan. Van Opijnen vecht tot 3 keer toe succesvol de verschillende ‘postzegelplannen’ aan. Al in 2010 vernietigt de Raad van State het plandeel Paterstraat, omdat onvoldoende duidelijk wordt hoe het bedrijventerrein precies gebruikt mag worden en ook niet onderzocht is of een bedrijventerrein zo dicht op de woningen wel wenselijk is.

De gemeente gooit het daarna over een andere boeg en bestemt het terrein nu als ‘Wonen’. Daarmee zou recht gedaan worden aan het beperkte ‘hobbymatige’ gebruik, maar die term is volgens de Raad van State te vaag omschreven en komt bovendien in de planregels helemaal niet voor.

In bestemmingsplan 3 wordt het bedrijventerrein daarom weer als bedrijf bestemd, ingesloten door de omliggende woningen en ontsloten over het erf van Van Opijnen. Dat kan niet, vindt de Raad van State, die bovendien enkele vraagtekens zet bij een onderzoek naar de geluidshinder.

Nu ligt er dan dus bestemmingsplan 4. Wethouder Van den Anker is ervan overtuigd dat het deze keer stand zal houden bij de Raad van State. De reparatie doet volgens hem recht aan het gebruik van het terrein: een hobby. Wanneer we bellen met de Koetserij is dat ook wat we te horen krijgen van eigenaar Johan Haasnoot. Hij is inmiddels op leeftijd en zou de paarden en koetsen vooral als hobby dicht bij zijn huis willen hebben. Veel woorden wil hij er niet aan vuil maken, behalve dan dat hij Van Opijnen verwijt op ieder detail te procederen. Hij heeft het aantal paarden al teruggebracht en zegt spaarzaam gebruik maken van de oprit.

'Klopt niet'

‘Dat klopt feitelijk niet. Het is een bedrijf dat ingeschreven staat bij de Kamer van Koophandel en bijvoorbeeld ook zaken doet met de Efteling,’ reageert jurist Krijger. ‘In dit plan wordt het stallen van koetsen en paarden als hoofdactiviteit bestemd en de verhuur als nevenactiviteit, terwijl dat nu juist de corebusiness is van de Koetserij. De wethouder kan erop rekenen dat de Raad van State daar doorheen zal prikken.’

Die kritiek hebben ook GroenLinks, PvdA en de VVD. Zij zijn er allerminst van overtuigd dat dit plan de Raad van State-toets zal doorstaan. Raadslid Kees van Drunen (GroenLinks): ‘Het gaat hier niet om de hobby van een 74-jarige paardenhouder, zoals de wethouder stelt, maar een bedrijf met 3 vennoten, waarvan er 2 in het bedrijf werkzaam zijn. Eén daarvan is vast zakenpartner van de Efteling, dus er is geen sprake van een langzaam verdwijnende, hobbymatige activiteit. We moeten stoppen om gemeenschapsgeld in bestemmingsplannen te stoppen waarmee we dat proberen in te passen.’

‘Waar houdt dit op?’

Die kritiek delen de grootste fracties, CDA en Samen Sterk Maasdriel, niet. Bestemmingsplan 4 wordt met 13 tegen 4 stemmen aangenomen. Van Opijnen is teleurgesteld: ‘We hebben geen andere mogelijkheid dan weer naar de rechter gaan. Het beheerst gelukkig mijn leven niet, maar ik vraag me wel af waar dit ophoudt.’

We krijgen veel van dit soort tips binnen en zijn daarom benieuwd of we dit ook in cijfers kunnen staven. Hoeveel vergunningen worden achteraf verstrekt? En hoe vaak is daar een wijziging van het bestemmingsplan voor nodig? Kun je ons hier bij helpen? Mail dan op: demonitor@kro-ncrv.nl

Lees meer over

Overheid en bureaucratie Lokaal bestuur
Verkenning Research Opnames Uitzending

545 tips

ontvangen

Ervaringsdeskundigen

gezocht

Dit artikel is geschreven door:

Niels van Nimwegen

Deel dit artikel

Meer artikelen in dit onderzoek

Toon meer

Meer weten?

Gemeentes en provincies hebben veel invloed op onze leefomgeving, maar de controle daarop staat onder druk en dat leidt mogelijk tot meer misstanden. Wij willen hier meer over te weten komen.
Alles over dit onderzoek